ATTENTION: Please enable Javascript in your browser for full site functionality.
Skip to navigation Skip to main content Skip to footer

Medewerkers aan het woord

In gesprek met

Ger Neijts (56) is chauffeur bij Alloga en houdt van zijn vak. Hij maakt soms weken van vijftig uur, maar dat kan hem niet deren. Ger is nu eenmaal een liefhebber van autorijden en zou het liefst tot zijn zeventigste in deze functie doorwerken. “Het is mijn hobby.”

Ger Neijts chauffeur bij Alloga

Hij heeft inmiddels drie en een half jaar voor Alloga gewerkt, maar niet aan een stuk. Tussendoor is Ger een half jaar weggeweest en in die periode heeft hij zijn vrachtwagenrijbewijs gehaald. “Op de dag dat ik hier wegging, had ik al heimwee”, zegt hij met een krachtige blik in zijn ogen. “Ik ben vijfentwintig jaar lang taxichauffeur geweest, maar dat werk beviel me niet meer. Op den duur kreeg ik met te veel vervelende klanten te maken, maar daar heb ik nu geen last meer van. Het leuke aan mijn baan bij Alloga is het contact met de klanten en dat je zelfstandig werkt.”

Ook is Ger erg blij met Alloga als werkgever. “De planners zijn makkelijke mensen; ze denken met je mee. Toen mijn zoon vorig jaar plotseling overleed, wilde ik eigenlijk de dag na zijn overlijden ‘gewoon’ komen werken, maar dat mocht niet van de mensen van de planning. Achteraf gezien was dat wel een goeie beslissing.”

Op de vraag over wat hij niet leuk vindt aan zijn werk antwoordt hij: “Eigenlijk niks. Alleen ga ik niet graag naar Amsterdam, vanwege de fietsers daar. Die kijken nergens naar en dat zorgt voor gevaarlijke situaties.”

Als hem gevraagd wordt naar zijn verborgen talent zegt Ger na een seconde of vijf: “Vader zijn, denk ik. Mijn vrouw vindt dat ook, maar ze vindt dat ik soms wat eerder thuis mag zijn, omdat we een dochtertje van vijf hebben. Ze weet natuurlijk wel dat ik dit werk graag doe.”

Ger denkt niet dat hij de oude locatie gaat missen als de nieuwe campus straks in bedrijf is. “Nee, het pand is oud en we moeten ‘s ochtends altijd naar boven lopen naar de planning; de trap ernaartoe is nogal steil en de treden zijn te kort.” Die zal hij dus niet missen. “Ik hoop dat de planning op het Foodpark benéden zit”, zegt hij lachend.

Of de planning straks daadwerkelijk op de begane grond zit, kunnen we je nog niet vertellen, Ger. Wel dat je bedankt wordt voor dit openhartige gesprek!